Vitella-Webshop :: Het belang van chondroprotectiva

Het belang van chondroprotectiva

Het belang van chondroprotectiva

Het belang van chondroprotectiva: Glucosamine en Chondro´tine de bouwstenen van het gewrichtskraakbeen


Gewrichtskraakbeen is een wit, stevig, glad en vochtig weefsel van ongeveer 2 tot 3 mm dik dat het uiteinde van het bot bedekt. Het zorgt voor een glad botoppervlak, zodat botten zonder wrijving over elkaar heen kunnen bewegen. Het  kan druk- en piekbelastingen doorgeleiden naar het bot en het vervormt zonder te beschadigen. Kraakbeen werkt als een schokdemper en verzorgt de smering van het gewricht. Maar als het gewrichtskraakbeen sneller slijt dan dat het aangemaakt wordt, treedt kraakbeenverval op. dat kan zover doorgaan dat totdat de botten tegen elkaar  bewegen.  Het bot raakt ge´rriteerd waardoor  botnieuwvorming kan voorkomen en de beweeglijkheid van het gewricht nog verder beperkt wordt vervolgens raken de pezen die over het aangetaste botdeel lopen ge´rriteerd.. Dit proces komt bij alle gewervelde dieren voor en ook bij de mens.  Langdurige overbelasting van gewrichten, veroudering, een ongeval en immobilisatie (rust roest!) kunnen de conditie van het kraakbeen negatief be´nvloeden. 

Niet alle gewrichten zijn in gelijke mate gevoelig. In figuur 1 staan de meest gevoelige gewrichten van het paard weergegeven.

Fig. 1: De artrose gevoelige gewrichten van het paard

 

Wat kan je eraan doen? De dierenarts kan de  pijn kan verlicht door ontstekingsremmers en pijnstillers voor te schrijven. Echter sommige ontstekingsremmers kunnen de stofwisseling van het kraakbeen negatief be´nvloeden waardoor de conditie van het gewricht verder achteruit gaat.en soms treden ongewenste bijwerkingen op.

Er zijn ook enkele alternatieven: voedingsstoffen die het kraakbeen beschermen worden chondroprotectiva,genoemd. Het eten van deze chondroprotectiva is voor de mens gemeengoed maar is bij paarden veel minder bekend. De meeste Chondroprotectiva kunnen door het voer worden gemengd en bereiken de gewrichten via de bloedbaan. Ze zijn gemakkelijk door de verzorger toe te dienen en ze zijn, in vergelijk met het toedienen van medicijnen, relatief goedkoop. In dit artikel worden de bekendste chondroprotectiva besproken die kunnen worden ingenomen: chondro´tine en glucosamine.

 
De structuur van het kraakbeen.
 
Het kraakbeen wordt gevormd en onderhouden door gespecialiseerde cellen: chondrocyten (chondro=kraakbeen) De kraakbeencellen maken een vlechtwerk van collageenvezels. Deze vezels zijn spiraalvormig in en om elkaar gewonden en hebben in de verschillende lagen van het kraakbeen een andere richting en onderlinge binding. Hierdoor ontstaat een sterke web- of matrixstructuur. In deze matrix liggen lange ketens van grote moleculen opgesloten die proteoglycanen worden genoemd. Loodrecht op deze proteoglycanen staan weer andere moleculen die glycosaminoglycanen (GAG's) heten. Samen vormen ze een structuur die lijkt op een flessenborstel. (zie figuur 2) De GAGĺs zijn sterk waterbindend waardoor ze opstijven als een gelatinepudding. Omdat ze tussen de collageenvezels (de matrix) zijn ingeklemd ontstaat een sterk, veerkrachtig weefsel.
 

Gewrichtskraakbeen bestaat uit vier verschillende lagen: een oppervlakkige laag, een overgangslaag, een diepe laag en een verkalkte laag. Het kraakbeen in de diepere lagen wordt steeds stijver en gaat over in bot.


kraak3

Fig. 2: schematische afbeelding van de proteoglucanen en de GAG's in de kraakbeen matrix


De gewrichtsholte is gevuld met synovia. Dit is een stroperige vloeistof die beweging tussen de botten smeert verlopen en de kraakbeencellen voedt. Kraakbeencellen hebben een tragere stofwisseling dan cellen die gevoed worden vanuit de bloedsomloop, die veelal zonder zuurstof plaatsvindt, en dat is ook de reden waarom ze veel langzamer herstellen.

Fig. 2: schematische afbeelding van een gezond en een door artrose aangetast gewricht

Chondrocyten maken voortdurend nieuwe basisbestanddelen van de kraakbeenmatrix aan. Maar als de matrix wordt beschadigd dan neemt de lengte van de GAGĺs af en daarmee ook hun bindingssterkte. Er komt water vrij waardoor het kraakbeen zachter wordt en minder functioneert en raakt het nog sneller beschadigd en lekken weer meer GAGĺs weg. De conditie van het kraakbeen zit dan in een negatieve spiraal en het gewricht wordt zwakker.
 

Behandeling

Traditioneel worden gewrichtsaandoeningen bij paarden door de dierenarts behandeld met ontstekingsremmers: NSAIDĺs (Non Steroidal Anti Inflamatorial Drugs) of met corticostero´den. Als de ontsteking vermindert neemt de pijn af waardoor de beweeglijkheid van het gewricht herstelt. Het nadeel van langdurig gebruik van corticostero´den is dat de stofwisseling van de chondrocyten nadelig be´nvloed wordt  waardoor op den duur het kraakbeen juist verder verzwakt. Sommige NSAIDĺs veroorzaken maagzweren en bloedarmoede. Juist vanwege deze nadelige bijwerkingen zoekt men naar andere behandelmethodes die de afbraak van het kraakbeenproces kunnen remmen of zelfs omkeren zonder nadelige bijwerkingen (3). 
 
Chondroprotectiva
De stoffen die het kraakbeen beschermen tegen achteruitgang of aanzetten tot herstel na beschadiging worden ôchondroprotectivaö genoemd. Dit zijn lichaamseigen stoffen-ze komen normaal in het eigen lichaam voor - en worden gebruikt voor de opbouw van het kraakbeen. Extra toediening van zoĺn bouwstof zal de stofwisseling van het kraakbeen en de kraakbeencel gunstig be´nvloeden. Het lichaam wordt aangezet het kraakbeen tegen verdere beschadiging te beschermen en ook gestimuleerd om meer gezond kraakbeen te produceren. De bekendste bouwstoffen die een gunstige uitwerking hebben op het kraakbeen zijn: Calcium, Magnesium, Vitamine C, Collageen, Hyaluronzuur, Glucosamine en Chondro´tine Sulfaat.


Hyaluronzuur wordt in het gewricht, de aderen of de spieren ge´njecteerd. Het wordt vaak toegediend in de vorm van een kuur van meerdere injecties waarna de klachten enkele maanden minder ernstig zijn. De gewrichtsinjectie heeft risico van een bacteriŰle artritis, mede doordat het hyaluronzuur vaak gecombineerd wordt met een corticostero´de, waardoor de infectie ook nog een tijdje wordt gemaskeerd. Ook kunnen er allergische reacties op deze stof ontstaan. Bovendien zijn de injecties in de gewrichten pijnlijk. Het voordeel van Glucosamine en Chondro´tine daarentegen kunnen met het voer worden toegediend en zullen via de darmen in het lichaam worden opgenomen en zo het gewricht bereiken. Er zijn van glucosamine en chondro´tine geen bijwerkingen bekend. 

 
Glucosamine
Glucosamine is een belangrijke stof  voor de opbouw van gewrichten. Glucosamine-sulfaat (een zwavelzout van glucosamine) is de meest gebruikte vorm. Het is een wit poeder, lichtzoet van smaak dat wordt geproduceerd uit de skeletten van kreeften en andere schaaldieren. Door toediening van glucosamine worden de kraakbeencellen gestimuleerd om meer GAGĺs te produceren waardoor de matrix zichzelf herstelt. Laboratoriumonderzoek met kraakbeencellen heeft aangetoond dat glucosamine ook de aanmaak van proteoglycanen en collageen bevordert en een verzachtende werking heeft (4).
 
Onderzoek bij de mens gaf aan dat patiŰnten die glucosamine toegediend kregen, op de lange termijn minder klachten hadden dan patiŰnten die geen glucosamine hadden genomen ("placebo groep"). Na drie jaar bleek dat de "glucosaminegebruikers" beduidend minder pijn hadden en veel beweeglijker waren dan placebo groep. Bovendien was de achteruitgang van het gewrichtskraakbeen in de glucosamine groep veel minder. Er werden door de glucosamine groep geen bijwerkingen gerapporteerd (7).

De effective hoeveelheid glucosamine voor warmbloed paarden (550 KG) is 9.000 mg per dag. Let wel: Glucosamine is ôslow acting ö en moet over een langere periode (4-10 weken, afhankelijk van de conditie van het kraakbeen) worden bijgevoerd voordat de resultaten uberhaupt zichtbaar worden.
 
 
Chondro´tine
Chondro´tine is  weer een andere bouwsteen van het gewrichtskraakbeen. Uit laboratorium onderzoek blijkt daT Chondro´tine de productie en de werking van het enzym dat verantwoordelijk is voor de afbraak van gewrichtskraakbeen vermindert. Daarnaast kan chondro´tine, net als glucosamine, water in het kraakbeen binden. Het onderhoudt de osmotische druk waardoor de flexibiliteit en de elasticiteit van het kraakbeen behouden blijven. Ook Chondro´tine heeft een ontstekingsremmende werking, vermindert de pijn, waardoor de bewegelijkheid van het gewricht verbetert.


Chondro´tine wordt echter moeilijker door het lichaam opgenomen (resorptie: 22-30%) dan glucosamine (87-95%)6 Toch geeft klinisch onderzoek aan dat chondro´tine vooral op de lange termijn, de gewrichten beter doet functioneren. Voor het stimuleren van de groei van het kraakbeen bij paarden wordt een dagelijkse dosis Chondro´tine van 6.000 ľ 10.000 mg, gedurende 4-6 weken, aanbevolen (6).

 
Supplementen:
Er zijn supplementen voor paarden op de markt met chondro´tine al dan niet in combinatie met Glucosamine en andere stoffen. Uit laboratoriumonderzoek is gebleken dat glucosamine en chondro´tine samen beter werken dan elk apart. Men verondersteld dat de productie van Hyaluronzuur toeneemt, waardoor de viscositeit van de gewrichtsvloeistof toeneemt en dat is gunstig is voor de smering van het gewricht (3,4 ).


Uit onderzoek blijkt dat de beste resultaten worden bereikt door een combinatie van Chondro´tine en glucosamine. In proeven waar chondro´tine en glucosamine aan paarden met gewrichtsproblemen werd bijgevoerd gingen de paarden niet alleen beter lopen  maar hadden ook een betere score voor de buigproef, toename van de staplengte, en positieve bevindingen na klinisch onderzoek aan het gewricht voor en na de periode van toediening (2). Uit Engels onderzoek bleek dat de toediening van ontstekingstremmers in de gewrichten, over een periode van 8 jaar, belangrijk verminderd wanneer de paarden werden bijgevoerd met supplementen waarin glucosamine en chondro´tinewas verwerkt6.

Let bij aankoop van een supplement op de juiste gehaltes Chondro´tine en Glucosamine. De werkzame dosis ligt voor een volwassen paard op 6.000 mg chondro´tine sulfaat met  9.000 mg glucosamine sulfaat per dag. Het vereist een beetje rekenwerk om dan te bepalen of de gehaltes in het product tegemoet komen aan de behoefte van het paard.

Chondro´tine en glucosamine zijn langzaam werkende stoffen. Na de aanvangsperiode van 4 tot 10 weken gaat men over naar een belangrijk lagere öonderhoudsdoseringö. Onderzoek bij de mens bracht aan het licht dat een onderhoudsdosis van drie maanden, afgewisseld met een rustperiode van telkens drie maanden, het zelfde effect sorteert als een continue toediening. Ook kan men het gebruik van chondro´tine afwisselen met het goedkopere Glucosamine. 

 
Discussie:
Onderzoek toont aan dat chondro´tine en glucosamine de beweeglijkheid van gevoelige gewrichten verbetert. Ze zijn gemakkelijk toe te dienen kennen geen bijverschijnselen en zijn relatief goedkoop.

Nutraceuticals zijn voedingsstoffen die biologisch actief zijn. Ook de chondroprotectiva vallen onder deze categorie producten. De wettelijke aspecten zoals toelating en functionele claims  worden door de wet geregeld . De toezichthouder op europees nivo het de EFSA (Europese Food Safety autortiteit.) Enerzijds heeft EFSA de claims met betrekking tot bescherming en genezing van aandoeningen van gewrichten afgewezen omdat hun werking niet eenduidig is aangetoond .Het  zijn dus geen wondermiddelen. Het product blijkt bij het ene individu beter aan te slaan dan bij het andere. Wellicht is de werking ook afhankelijk van het stadium van de aandoening

Het doel van het gebruik van chondroprotectiva is dan ook het beperken van diergeneesmiddelen met nadelige bijverschijnselen om het paard zo lang mogelijk actief te houden. Voor een effectieve behandeling is naast een goed supplement  in de juiste dosering, de gezamenlijke aanpak van de dierenarts, de hoefsmid en de rij-instructeur nodig voor de juiste analyse van de fysieke belasting van het paard. De hoefsmid kan op advies van een dierenarts zonodig speciaal beslag aanbrengen dat kan zorgen voor vermindering van de pijn en verbeteren van de hoefstand. De rij instructeur kan de ruiter leren het paard recht te richten en ÚÚnzijdige overbelasting van de benen te voorkomen. De dierenarts kan zorgen voor verdere pijnbestrijding.

Literatuur:
 
1) Bietrix, J., Utilisation de nutriceutiques dans la gestion de l'arthrose du chuval.These prÚsentÚe a l'universite Claude-Bernard - Lyon 2004.

2) Clayton, H.M. e.a., Double blind study of the effects of an oral supplement intended to support joint health in horses with tarsal degenerative joint disease. AAEP Proceedings, vol 48, 314-317, 2002.

3) Dechant JE e.a., Effects of Glucosaminehydrochloride and chondroitin sulfate, alone and in combination, on normal and interleukin-1 conditional equine articalar cartilage explant metabolism. Equine Vet J. 37(3): 227-31, 2005.

4) Lippiello L, In vivo chondroprotection and metabolic synergy of glucosamine and chondroitin sulfate. Clinacal Orthopaedics & Related research. (381): 229-240, 2000

5) Hanson RR e.a. Oral treatment with a glucosamine-chondroitine sulfate compound for degenerative joint disease in horses: 25 cases., Equine Practice, 19:9:16-22, October 1997.

6) Rodgers M.R., effect of oral glucosamine and chondroitin sulfates supplementation on frequency of intera articula therapy of the horse tarsus. J. Appl Res Vet Med. Vol 4,No 2, 2006.

7) Richy F e.a., Structural and symptomatic efficacy of glucosamin and chondroitin in knee osteoarthritis: a comptehensive meta-analysis. Arch Intern Med. 2003 Jul 14;163(13): 1514-1522.
 

Ir Coen van Poll is werkzaam als nutritionist bij LaVitella BV, producent van Vitella horse Care producten.